dinsdag 15 januari 2013

matze

Een receptje uit de Bijbel

 

matze uit boek van Miriam Feinberg Vamosh
Tegenwoordig moet je zo alles in evenwicht proberen te doen puf puf hard werken he.
 Dus voor het broodnodige :)) tegenwicht van de Blog van Lizet Kruijff met een recept uit de Koran hier dan een receptje uit de Bijbel. Uit het boek Les nourritures aux temps de la Bible van Miriam Feinberg Vamosh.

Dit is een receptje naar aanleiding van Ex. 12.39. De Israeliers hadden geen tijd om te wachten totdat het brood gerezen was. Dus men neme:

2 glazen volkoren bloem (bvk van harde tarwe)
3/4 glas koud water
2 eetlepels olijfolie
1 theelepel zout
Naar smaak kan men toevoegen: hysop, ui, knoflook, sesamzaad of sumak.

Meng de bloem, olie, water en zout en kneedt dit ongeveer 3 minuten. Voeg evt smaakmakers toe. Verdeel in 8 bolletjes en rol dit uit tot zeer dunne broodjes. Prik het deeg in met een vork. In een wok die je op zijn kop zet op het gas/vuur (beetje olie erop; voorzichtig!). Of evt in een hete oven 250 graden. Bak de deeglapjes een voor een.

Zo valt er weer niets te klagen over evenwicht, zelfs niet in de keukentradities.  Geen zin in om dit zelf te maken? Koop dan het oranje doosje met het leuke sluitingsmechanisme. Ik kon daar als kind tijden mee spelen. Hier in France heb ik ze nog niet gezien. Mmmmmmm, die gaat dus ook weer op het lijstje van producten om uit Nederland mee te nemen.

donderdag 13 december 2012

kookboek uit 1907




Oud kookboek

In de winter zoek je de warmte en gezelligheid op. En waar vind ik dat? In mijn goed verwarmde kamer met een heerlijke bank, de hond en poes erbij en ….een goed kookboek.

Dit is geen recensie van een kookboek dat voor de feestdagen in de winkels ligt en gepromoot moet worden, wel een blik in het kookboek “de eenvoudige en fijne Fransche keuken” uit 1907. Geschreven door een ex-lerares, mw. Oldeman, van de Rotterdamse kookschool en wel met medewerking van “Fransche vaklieden”. Zij had de diverse recepten verzameld tijdens haar tijd in Frankrijk. Pittig mens dus voor die tijd. Even zonder TGV naar la douce France. 

Kookboeken lezen is voor mij alsof ik historie lees. Niet alleen de ingrediënten, de werkwijzen, en de taal laten je in een tijdmachine ronddwarrelen, maar ook hoe worden de koks, meestal kokkinnen in die tijd, benaderd door de schrijver, hoe verliepen dineetjes etc. etc. Kortom pure sociologie. In dit kookboek is het voorwoord helaas wat kort, maar het is wel voor “alle kringen” geschreven. Dus zowel de goedkope als duurdere gerechten staan erin.

kookboek uit 1907
Maar let op! In een kookboek staat niet altijd dat wat er dagelijks wordt gegeten, want je zet in een kookboek alleen wat blijkbaar nodig is om vastgelegd te worden. Dus de alledaagse maaltijden zullen er vast niet in staan. Maakt me dan wel weer nieuwsgierig hoe ze op een gewone dinsdagmiddag of avond aten. Dat had ik dan eigenlijk aan mijn oma moeten vragen.



Kennis opdoen:
Dit kookboek heb ik met heel veel plezier gelezen, omdat er voor mij nieuwe begrippen in stonden. Ik zet er een paar op een rij en wie weet straks nog een recept dat nu heel modern zou lijken?
Veel van de ingrediënten die worden beschreven lijken voor onze huidige tijd vrij normaal. Ik lees bijvoorbeeld: paprika, Spaanse pepers, artisjokken, aubergines, dadels, olijven, knoflook. Ik kan me echter herinneren dat bijvoorbeeld de paprika en de artisjok pas in de 70-er jaren bij ons in de winkels lagen. Ik zou het jubileumkookboek van AH er eens naast moeten leggen om een echte tijdlijn te vinden van deze herintroductie van ingrediënten. Producten die we nog wel kennen, maar in onze keuken amper nog gebruikt worden zoals karper, grondelingen, elft, kraakbeen en allerlei orgaanvlees wordt in die tijd nog volop gebruikt. Kalfslong was voor mij een nieuw orgaanvlees in een recept bijvoorbeeld. Een niet ontbeende kalfskop werd trouwens nooit zo in zijn geheel gepresenteerd! De reden is niet dat we dan geen trek meer zouden hebben van deze aanblik, maar omdat het zo lastig snijdt.

Ook werd al veel buiten de grenzen gekeken bijvoorbeeld bij het soep-hoofdstuk: een soep genaamd Olla Podrida, is een Spaans recept. Of een Siciliaans recept  met o.a.  “kikvorschschenkel”. De schildpadsoep waarin een schildpad van 10 kg blijkbaar genoeg was voor 20 personen. Ze beschrijven gelukkig ook een nagemaakte schildpadsoep. Of een Chinese salade met gekookte chrysanten. En men kauwde toen ook al op gomballen van Arabische gom met oranjebloesemwater.

Ook worden groenten vermeld die, nu nog net dan,  “vergeten”groente heten zoals o.a. witte, gele en rode wortelen en dan ook nog heel specifiek in bepaalde recepten. Bloemen van Oost-Indische kers worden gevuld met een farce;  rozenlikeur wordt gemaakt, of viooltjesstroop (ik denk dat ze siroop bedoelde) alsof je gewoon leest over de huidige “terug naar de natuur”-trend. Er wordt met truffels gesmeten alsof ze om de hoek werden gevonden in die tijd. Er werden zowaar zelfs adviezen beschreven om truffels te bewaren. Tegenwoordig eten we ze maar zo snel mogelijk op. Of even een broodje oester eten, goed idee voor een snackje? En wel eens van puitaal gehoord? Hier in Frankrijk heten ze eperlans. Die zie ik nog wel eens in de diepvriezer terug in grote supermarkten.

Er zijn relatief weinig recepten met “ooft” oftewel oud-Nederlands voor fruit. Meloen met zout en peper als voorgerecht zien we wel terug. Of in het hoofdstukje “vreemde soepen zien we Zweedse aardbeiensoep. Wel in het hoofdstuk over conserveren zie je fruit terugkomen. Het werd dus toch wel gegeten.

Lans de zijlijn wordt zo nu en dan ook productkennis gegeven. Bijvoorbeeld hoe onderscheid je een jonge haas van een oude haas. Ik zal maar niet zeggen hoe voor de eventuele gevoelige zielen onder ons.
Ik voorspel dat we binnenkort in de restaurants in Nederland ook de weer de gevulde hanenkammen in een nestje, de hanennieren, en kapoen terug zien komen. Wellicht een mogelijke oplossing voor de huidige hanenselectie in de kippenindustrie? Zonde om ze niet verder te laten leven. En wat dacht je van meeuweneieren: hoeven ze de eieren niet meer te schudden, gewoon opeten. Hoewel ze blijkbaar minder smakelijk zijn dan kievitseieren.

Ik las ook een recept met pimpernoten. Heb jij er wel eens van gehoord? Ik niet. Na een kleine internetzoektocht blijken dit toch bij ons bekende noten te zijn:  de pistache. Zelfs in een warenwetbesluit worden ze als pimpernoten benoemd.

franse advocaat
Ook qua alcohol is er nog wat te melden: er werd gebruik gemaakt van wijngeest (eng hoor), spiritus (brrrrr, dacht dat dat giftig was), maar ook cremor tartari (bleek achteraf gewoon wijnsteen te zijn) . Een zoektochtje in de historie van woorden was dus nodig om de recepten te kunnen snappen.
In de tijd van Potgieter (halverwege de 19e eeuw) werd spiritus als alcoholische drank gezien. Er zat toen vast nog geen pyridine in. En om terug te komen op Wijngeest. Dit is de oude naam voor ethylalcohol/Alcohol met een hoge zuiverheidsgraad (96,5%). Om zelf tincturen te maken, voor  ontsmetting en…. als conserveringsmiddel. En helaas tegen de hiernieuwde trend van cocktails; er wordt welgeteld maar 1 cocktailrecept gegeven: de sherrygobler.

In die tijd at men blijkbaar ook “onfrische visch en vleesch “ (een koelkast was nog niet gangbaar in die tijd ). Toch zonde om weg te gooien. Even wat anders dan de 50 kg per persoon eetwaren die in Nederland nu blijkbaar worden weggegooid. En weet je hoe ze hier mee omgingen? Ze kookten bijvoorbeeld het vlees en gooiden er dan gloeiende houtskolen bij tegen de vieze geur. En wild, bijvoorbeeld konijn,  werd na het schoonmaken in de voorraadkast gelegd met houtskool in zijn buikje. Of als een fruitsap te zuur was werd het opgekookt met houtas.

Ook werd gebruik gemaakt van essences, hele intensieve smaken van bijvoorbeeld citroen, zuurkool ansjovis etc. Misschien enigszins te vergelijken met huidige de trend van koken met etherische oliën.
Entremets (tussengerechten, maar dan wel na het hoofdgerecht) waren toen blijkbaar in de mode. We kunnen erop wachten dat ze in het hier en nu ook weer een grotere rol gaan spelen. Zeker voor de zoetekauwen onder ons, want er zijn er wel veel van wat zoetige aard.

Zuivelinformatie:
Er zijn veel recepten met eieren. En een weetje: klop eiwit bij voorkeur met niet zo verse eieren. Gaat veel beter.
oude botervorm
En ik ken heldere boter, bruine boter, maar zwarte boter??? Klinkt niet zo aantrekkelijk, toch ga ik het nog eens volgens dit recept maken. Heel veel sauzen worden beschreven. De chaufroidsaus om gerechten te bedekken wordt nu bijna niet meer gebruikt geloof ik, maar hier wordt zowel de blonde als bruine variant beschreven of  zoek ook eens aan de Herminasaus, de Vatelsaus, de Brantômesaus op.

Minpuntjes:
Ook zijn er wat mindere puntjes voor ons “de moderne”mens. De groenten werden voor onze huidige begrip oneindig lang gekookt. Niet zo smakelijk meer lijkt me. En er werden ook veel dieren gegeten die nu echt niet meer kunnen zoals snippen, lijsters, ortolanen, schildpadden etc. En gelukkig hebben we nu ook een koelkast pfff.

Wat oude recepten:
Ben je geïnteresseerd in een paar  recepten uit dit kookboek? Bijvoorbeeld een voorgerechtje dat nu ook goed op een Kersttafel kan staan of om het hoofdgerecht te versieren? Je bent gewaarschuwd: het versierrecept is calorierijk trouwens net als vele recepten in dit boek.


Vet om te versieren:
menubord
Vet om verschillende gerechten te versieren wordt op de volgende wijze bereid. Versch schapenniervet snijdt men in stukjes, verwijdert het vel en legt ze 2 à 3 uur in koud water, dat men telkens ververscht. Daarna giet men er het water af, doet het vet in een vuurvast schoteltje met een weinig water, sluit het schoteltje en smelt het. Men perst het vet door een doek in een terrine, laat het staan en giet het voorzichtig in een andere terrine, vermengt het vet met een gelijke hoeveelheid reuzel en laat het bekoelen. Wil men van het vet gebruiken, dan legt men de bepaalde hoeveelheid op een vochtigen doek, deelt het met een mes in stukken en kneedt het een poosje om het glad en elastisch te maken. Het vet stolt in de lucht dadelijk.

Cromesquis van tong:
Een gekookte en bekoelde zeetong snijdt men in langwerpige stukjes, vermengt deze met fijngesneden champignons en bindt ze met een dikke Béchamelsaus.Daarna rolt men week aardappeldeeg dun uit, wikkelt de in gelijke hoeveelheden verdeelde ragout in dit deeg en daarna in een lamsnet, dompelt ze in een pâte à frire en bakt ze in heete boter of vet. Men dient ze voor met truffelsaus. Dit gerecht kan men bereiden van kippenvleesch, wild, visch enz. Bij gebrek aan een lamsnet kan men het deeg in plakjes dun gesneden spek wikkelen.

Zeker aan te bevelen om af en toe eens een oud kookboek door te lezen. Goed voor de inspiratie en de lange winterdagen kom ik zo relaxt door. Op naar het volgende kookboek .Dit keervalt de keuze op een kok uit deze tijd: Cedric Burtin.


donderdag 22 november 2012

Pompoentaart, een recept uit de Bourgogne


La Flamusse, taart uit de Bourgogne.

De afgelopen weken was het wat stil rondom Cuisine d’Amis. De reden was dat ik allerlei voorbereidingen nog moest doen voor de pilot workshop Bourgogne traditioneel en Bourgogne modern van afgelopen weekend.
Afgelopen donderdagavond kwamen dan laat in de avond 5 Hollandse meiden door de dichte mist aan. De gîte was al lekker warm en aangezien de Beaujolais nouveau die dag er weer was konden ze die lekker bij de houthaard opdrinken. Ze hebben geslapen als marmotten begreep ik.
Maar vrijdagochtend moesten ze dan toch echt aan de slag. We zijn begonnen met traditioneel Bourgondische taarten. Een zoete en een hartige, en nog lekkere Franse koekjes (Madeleines met een Bourgondische tik) en een Kersttip:  een giga-grote merenque-slagroom-fruit rol, natuurlijk dit keer met zwarte bessen uit de Bourgogne.
Hier alvast het recept voor La Flamusse, een flan-achtige taart die met pompoen wordt gemaakt, maar er bestaan ook varianten met appel. We hebben heerlijk geluncht met al die lekkernijen. Een recept voor een taart met kaas uit de cote d’Or, Époisses, volgt nog.
La Flamusse in een prachtige Emile Henry schaal

Wat heb je nodig voor La Flamusse:
750 gram pompoen (met goed geel vruchtvlees)
4 eieren
100 gram fijne suiker
1 mespunt zout
75 gram bloem
5 dl crème fraîche of melk, dat maakt het lichter.
50 gram gesmolten boter
Bakvorm van ca. 30 cm

Werkwijze:
1. Pompoen schillen, draden en zaden verwijderen en in blokjes snijden. 6-7 minuten koken in kokend, licht gezouten water. Dan afgieten en circa een kwartier laten uitlekken tot het niet te nat meer is.
2. De pompoen in een pan doen op laag vuur en zonder deksel, regelmatig roeren totdat het vruchtvlees makkelijk uiteen valt. Dan fijnmalen (groente molen of keukenmachine).
3. Eieren met suiker en zout kloppen tot het licht wordt. De bloem er over heen strooien en er goed doorheen werken. Daarna de crème fraîche/melk toevoegen. Blijven roeren tot het een homogeen mengsel is. Dit kan best even tijd nemen.
4. Verwarm de oven voor op 180 graden. Een bakvorm, zo nodig invetten.
5. De puree en de boter toevoegen aan het mengsel en in de vorm gieten.
6. Gedurende 30 minuten in oven. Als de taart goed is komt hij eenvoudig los nadat je met een mes langs de rand gaat en de vorm schudt. Anders nog even terug in de oven.
7. Lauw of koud serveren in de bakvorm. Smaakt ook heerlijk met een fijne salade met noten, want hij is niet heel erg zoet.

Meer informatie over koken in Frankrijk-de Bourgogne op www.cuisinedamisbourgogne.com

dinsdag 30 oktober 2012

Trek in chocolade? Chocomacarons!

In het verleden heb ik wel eens macarons gemaakt, maar ik kreeg nooit die grappige vorm met zo'n leuk kraagje. Te weinig oefening met de spuitzak denk ik. Of niet het goede recept, want er zijn verschillende invalshoeken. bv met of zonder suikersiroop maken. Maar nu heb ik een siliconenvorm gevonden voor leuke kleine macarons. En zowaar nu lukt het wel en wie weet komt dit recept ook nog in de komende kookworkshop om de hoek kijken. Het is nu erg in de mode, maar het komt wel uit de traditionele Franse keuken -van Parijs met name- las ik, maar tegenwoordig maken ze macarons overal in France en vaak ook al bij een hartig gerecht. Waarom ook niet?! Oh ja, de echte originele macarons komen volgens een andere informatiebron trouwens uit ..... Italië. De Fransen hebben Le macaron echter graag geadopteerd.

Hier een recept voor een traditionele choco-macaron. Leuk als "koekje bij de thee" of als onderdeel van een parade van chocodessertjes? Dit recept is goed voor zeker 36 macarons van 3,5 cm.

3 hele verse eieren gesplitst
210 gr poedersuiker
125 gr amandelpoeder
30 gr fijne suiker
2 eetlepels cacaopoeder (zonder suiker, niet echt opgehoopt)
50 gr kristalsuiker
100 gr goede pure chocolade.

1. De poedersuiker met de amandelpoeder goed mengen, dan de cacao erdoor heen mengen.
2. Eiwit goed stevig opslaan met evt wat citroensap. Eerst beetje fijne suiker, dan tijdens het opslaan de rest van de fijne suiker (30 gr dus) erdoor heen.
3. Dan het mengsel van poedersuiker, cacao en amandel er doorheen mengen bvk met een siliconenspatel. Het moet een glimmend beslag worden en als een lint van je spatel aflopen. Bij mij was het iets te dik, dus ik heb wat koud water in hele kleine beetjes erbij gedaan. Dit geheel in een spuitzak doen.
4. Dan de siliconenvorm op een bakplaat zetten en vullen maar (beetje schuin houden de spuitzak en een klein randje - 3 mm- openhouden). Het vormt zichzelf
5. Dan zeker een half uur gewoon laten liggen, zodat een korstje kan ontstaan.
6. Oven voorverwarmen op 150 graden hetelucht en zet gelijk een 2e bakplaat in de oven
7. Afhankelijk van de grootte van je vorm laten bakken. Bij mij met 3,5 cm was dat 12 minuten. Zet de plaat op de 2e bakplaat.
8. Dan als het de oven uitkomt even een paar minuten laten afkoelen en dan moet je de macarons er zo af kunnen halen. Lukt dat niet, dan gewoon weer even de oven in; te vroeg.
9. Dan de vulling om ze aan elkaar te kunnen plakken. Het kan natuurlijk ook met een jam of een chocopasta, maar ja dan liggen die 3 eigelen zo alleen te wachten. Dus de eigelen met de kristalsuiker opkloppen, de gesmolten chocolade (au bain marie of magnetron) erdoor heen. Tot gebruik in koelkast zetten.
10. Het leuke werk: met een mesje of een spuitzak wat op het vlakke deel van een macaron vulling aanbrengen en de 2e ertegenaan plakken.
11. Dan het moeilijkste. Ze zijn lekkerder als je ze pas de dag erna eet....... Oeiiiiii lastig.
 Je kunt ze ook goed verpakken (met vulling en al, of apart) en invriezen, voor een  later moment.... als dat je lukt.



macarons vorm

chocomacarons, mmm al 1 op






zaterdag 6 oktober 2012

perzik, recept voor een drankje uit Frankrijk

Perzikrecept, maar dan anders

De perziken zijn geplukt, verwerkt tot jam, azijn, taart, compote, noem maar op. Ook de pitten worden gebruikt voor een drankje.
Wat nu nog rest zijn de nog groene bladeren van de boom zelf. In Frankrijk maken ze hier ook wat lekkers van.
De buren komen regelmatig een emmertje bladeren halen om perzikwijn te maken. Dit is een heerlijk aperitiefdrankje dat ruikt en smaakt naar amandelen.
Er zijn varianten met witte wijn, rosé-wijn, maar ook met rode wijn. Zelf vind ik de rosé-wijn meer bij perzik passen na een aantal probeersels. Ook kun je het suikergehalte variëren, maar het is snel te zoet voor mij. Ik ga dus voor weinig suiker.


Mocht je een perzikboom ontdekken rits dan gewoon de bladeren er van af. Niet knippen, of breken.


Hoe maak je deze perzikwijn:
Neem een goed afsluitbare schone pot van glas.
1 liter wijn (b.v.k. rosé of wit ) als je het voorzichtig wilt proberen
Rits zo'n 80-100 mooie bladeren van een perzikboom.
Doe de gewassen en gedroogde bladeren in de pot.
Dan de wijn er overheen gieten.
Dit ruim een week laten staan (in het licht).
Dan filteren en max. 100 gram suiker erbij doen en een glaasje sterke drank eau de vie (of bijvoorbeeld brandewijn of cognac; meer dan 30% in ieder geval). Goed mengen, zo nu en dan schudden.
Dit mengsel moet je dan 2-3 maanden laten staan in een frisse, donkere omgeving. Langer kan ook. Wordt alleen maar lekkerder.
Maar ja met 1 fles heb je zo weinig uit te proberen. Toch maar wat meer bladeren scoren?

Santé!

Meer informatie over koken in Frankrijk-de Bourgogne via  www.cuisinedamisbourgogne.com


donderdag 26 juli 2012

Eenvoudige zomerse hapjes

Nu het weer in Europa even op een echte zomer lijkt wat tips voor simpele, snelle, maar reuzelekkere hapjes om te eten bij een goed glas koude witte wijn; een Bourgogne misschien; pourquoi pas ?

Tip 1: geitenkaasspread pannenkoekje
Maak met de granen bv spelt of rogge, boekweit (of kant en klaar) kleine pannenkoekjes en besmeer die met een mengsel van hele verse geitenkaas die is vermengd met knoflook en diverse kruiden zoals bijv fijngesneden rozemarijn, salie, thym,dragon etc etc.. Maak het nog lekkerder door wat slablaadjes erop te leggen en dan pas oprollen. Snijd het evt  in stukjes en steek er een prikkertje in... en voila......

Tip 2: meloen met buffelmozzarella salade.
Neem een goed rijpe zoete meloen. Snijd die in dunne partjes, schil ze. Dan mooi schikken op een schaal en met zout, peper bestrooien en met olijfolie besprenkelen. Afdekken en tot gebruik in de koelkast zetten. Bij het serveren bij voorkeur buffelmozzarella in stukjes erop leggen en daar gaat ook die heerlijke schotel.....

Tip 3: roomboter met bloemen.
Dit geeft echt een feestelijke tintje aan je tafel. Neem roomboter laat die zacht worden en roer dit dan lekker smeuig. Neem naar behoefte bloemen zoals bv: goudsbloem, komkommerkruid, oost-indische kers, of nog een paar blaadjes afrikaantjes (pas op; die zijn sterk van smaak), of wat peterselie etc etc. Dan in folie doen en oprollen tot een worstje en weer in de koelkast leggen tot gebruik. Wanneer je het daarna in plakjes snijdt krijg je erg mooie kleurtjes te zien. Een feest om op een heerlijk stukje vers brood te smeren!


Genoeg tips voor vandaag. Nu ga ik ook even een duik in het zwembad doen; even afkoelen.
Foto's volgen vast nog wel een keer (van de gerechtjes dan he.....)

woensdag 18 juli 2012

Zomerpompoenen!!! Patisson

De 1e zomerpompoenen zijn er weer. Ken je ze al: de patisson? Ze zijn er in wit, groen en geel heb ik ze ook gezien. In mijn moestuin heb ik dit jaar de witte patisson gezaaid. Zo in het begin van het seizoen hoef je ze amper te garen. Later in het seizoen wordt de schil wat harder en de najaarsexemplaren kun je zelfs vrij lang bewaren. Eigenlijk zoals een gewone pompoen.
Ik vind de vorm altijd zo leuk en vooral als ze nog klein zijn zo tussen de 10 en 15 cm gebruik ik ze om te vullen. Zelf vind ik het vullen met een bleu-kaas het lekkerst, want het vruchtvlees zelf heeft een zachte smaak. Vandaag heb ik ze echter gemaakt met halfdroge geitenkaas. Met een notenrijst en en salade en heerlijke zomerse maaltijd. Een mooi recept voor de tong die van zachte smaken houdt.

Wat heb je nodig: per persoon
- een kleine patisson tot maximaal 15 cm.
- een half geitenkaasje of een stuk bleu
- olijfolie
- zout en peper

Maak de patisson even onder stromend water schoon. Steek dan met een scherp mesje het kapje royaal uit, zodat je een vulholte maakt.
Deze holte even met zout en peper bestrooien. De kaas erin, al dan niet in stukjes. En naar smaak olie, zout en peper erover heen.
Dan in een ovenschaal zetten en in voorverwarmde oven van 180 graden zo'n 20-30 minuten laten garen.
Het is niet erg als zo vroeg in het seizoen niet tot op de bodem alles gaar is, dat geeft juist een lekker krokante touch.

Nu nog een lekker wijntje erbij, en daar ga je dan heerlijk smullen.
patisson voordat het de oven ingaat.